De Alpaca
Lama's zijn uit Zuid-Amerika afkomstige kleine kameelachtigen. Ze worden in het land van herkomst vooral gebruikt worden als lastdier en wolproducent. In Nederland wordt de lama en alpaca (kleinere soort) steeds vaker gehouden als weidedier (zie foto). Er zijn 4 soorten. De wilde soorten zijn de Guanaco en de Vicogne, deze zijn egaalbruin en goed aangepast op leven in droge gebieden. Ze kunnen, gek genoeg, heel goed zwemmen! Rivieren worden met gemak overgestoken. De lama is de grootste soort en wordt al eeuwen gehouden als last- en trekdier. De lama kan alle kleuren hebben. De Alpaca is de beste wolleverancier van de vier. Er zijn soorten met "poedel" haar (ovine type) en met lang stijl haar (suri-type).
In tegenstelling tot schapen en geiten vallen ze nog niet onder allerlei regelgeving. Ze hoeven dus ook geen oormerken in.
Lama's hebben aan hun voeten 2 tenen, ze hebben geen hoeven, maar een heel zacht zoolkussen. Men noemt ze dan ook eeltvoetig. Ze hebben een gespleten bovenlip en scherpe uitstekende ondersnijtanden, maar geen bovensnijtanden. De vacht is kort tot langharig, van rastahaar-achtig tot wollig, al naar gelang het gebied waar ze vandaan komen. Ze kunnen allerlei kleuren hebben, schimmel, bont en effen.
|
|
Brownie en Caramella van De Alpacahof |